UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
Hyperparathyreoïdie

Bij hyperparathyreoïdie is het gehalte bijschildklierhormoon in uw bloed te hoog. Hierdoor stijgt het calciumgehalte in uw bloed. U kunt dan last krijgen van misselijkheid, dorst, veel plassen, botpijn en verwardheid. De klachten ontstaan vaak heel geleidelijk, zodat we de diagnose soms pas laat kunnen stellen.

De bijschildklieren

De bijschildklieren zijn vier kleine kliertjes in de hals direct naast de schildklier. Deze kliertjes maken bijschildklierhormoon (parathormoon). Het parathormoon (PTH) zorgt voor de balans van calcium en fosfaat in uw lichaam. Dit is een heel precies regelmechanisme: normaal scheidt de bijschildklier net zoveel bijschildklierhormoon uit als nodig is voor een stabiele waarde van calcium en fosfaat in uw bloed.

Klachten bij hyperparathyreoïdie

Als de bijschildklieren teveel parathormoon aanmaken, wordt het calciumgehalte in uw bloed te hoog. Sommige mensen merken hier niets van. Anderen krijgen in de loop van de tijd steeds duidelijkere klachten:

  • dorst en veel plassen; 
  • moeheid; 
  • maag-darmstoornissen (obstipatie, misselijkheid en braken); 
  • concentratieproblemen; 
  • verwardheid; 
  • nierstenen; 
  • botpijn; 
  • osteoporose.

Oorzaak hyperparathyreoïdie

Als u een verhoogd parathormoon hebt, gaat de arts op zoek naar de oorzaak. Meestal gaat het om een goedaardig bijschildkliergezwel. In zeldzame gevallen is er sprake van een erfelijke vorm: het multipele endocriene neoplasie syndroom (MEN1 en MEN2). Soms zijn langer bestaande nierproblemen of een vitamine D-gebrek de oorzaak van hyperparathyreoïdie.

Deel deze pagina