UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
Feochromocytoom

Een feochromocytoom is een gezwel van uw bijnieren. Het gezwel maakt teveel stresshormonen (adrenaline en noradrenaline) aan. Hierdoor kunt u last krijgen van hoge bloeddruk, aanvallen van hoofdpijn, zweten, hartkloppingen, misselijkheid, trillen, bleekheid, druk op de borst, angst en andere psychische klachten. Een feochromocytoom kan ook buiten uw bijnieren voorkomen, bijvoorbeeld in de buurt van uw wervelkolom of in uw blaas. Dan heet het een paraganglioom. Ook in uw hals en in uw hoofd kunnen paragangliomen ontstaan. Deze noemen we  ook glomustumor, maar deze maken meestal geen hormonen aan.

Erfelijkheid

Bij een kwart van de patiënten is het feochromocytoom erfelijk bepaald. Een foutje (mutatie)  in uw DNA (uw erfelijk materiaal) veroorzaakt dan de tumor. U kunt de aandoening ook overdragen op uw kinderen (meestal 50% kans). Een klinisch geneticus (een specialist op het gebied van erfelijke aandoeningen) kan u meer vertellen over de erfelijkheid van uw aandoening. De tumor in uw bijnieren kan voorkomen bij de volgende erfelijke ziektes:

  • ziekte van Von Hippel Lindau;
  • MEN2;
  • ziekte van Von Recklinghausen (neurofibromatose); 
  • familiair paraganglioom syndroom door een SDH-B/-C/-D/-AF1 mutatie.

Goed- of kwaadaardig

Ongeveer 10-15% van de feochromocytomen is kwaadaardig. U kunt uitzaaiingen krijgen in de lymfeklieren rondom de tumor, de longen, de lever en de botten. Pas als we uitzaaiingen vinden op de scan is duidelijk dat de tumor kwaadaardig is. Met onderzoek van het feochromocytoom/paraganglioom onder de microscoop kunnen we namelijk niet vaststellen of de tumor goed- of kwaadaardig is. Daarom controleren we u na de operatie minstens één keer per jaar.

  • De aanwezigheid van een feochromocytoom of paraganglioom kunnen we aantonen met bloed- of urineonderzoek. Hierbij bepalen we de afbraakproducten van adrenaline en noradrenaline. Soms moet u voor de bloedafname 20 tot 30 minuten rustig liggen met een infuusslangetje in uw arm. Direct na de prik kunnen de hormoonwaarden namelijk tijdelijk hoog zijn. Voor het urineonderzoek moet u gedurende 24 uur uw urine sparen. U krijgt instructies hiervoor op de polikliniek. We gebruiken scantechnieken om de plaats van de tumor(en) te bepalen en om te onderzoeken of er uitzaaiingen zijn. Naast een CT- of MRI-scan, doen we vaak een MIBG-scan of een PET/CT-scan.

  • Als de tumor zich in uw bijnier bevindt, moeten we meestal uw hele bijnier operatief verwijderen (adrenalectomie). Uw bijnier aan de andere kant neemt de bijnierfunctie dan praktisch altijd helemaal over. Ook de tumoren buiten de bijnier verwijderen we operatief. Afhankelijk van de grootte en de plaats van de tumor, verwijderen we het gezwel via een kijkbuisoperatie (laparoscopie) of een open operatie.

    Tijdens de operatie kunnen bloeddrukverhogende hormonen vrijkomen uit de tumor. Daarom krijgt u voor de operatie medicijnen. We nemen u twee weken  vóór de operatie al op en behandelen u met alfa- en beta-blockers. Dat zijn medicijnen die de effecten van de stresshormonen blokkeren. 

    Nazorg en controle
    Na een operatie voor een feochromocytoom of paraganglioom kan de tumor terugkomen. Ook kunnen er uitzaaiingen ontstaan. Daarom blijft u onder controle. We doen bloed- en/of urineonderzoek om te zien of de tumor terug is. De kans dat de tumor terugkomt, eventueel in de andere bijnier, en de kans op uitzaaiingen hangt sterk af van eventueel onderliggende erfelijke aandoeningen. Uitzaaiingen kunnen we behandelen met inwendige bestraling en chemotherapie.

Patiëntenfolder