UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
Brughoektumor

Een brughoektumor, ook wel vestibularis-schwannoom of acousticusneurinoom genoemd, is een goedaardig gezwel uitgaande van de omhulling (zenuwschede) van de gehoor- en evenwichtszenuw. Deze zenuw is opgebouwd uit twee zenuwgedeelten, waarvan één uit het slakkenhuis en één uit het evenwichtsorgaan komt. Deze zenuw loopt door het rotsbeen via een benig kanaal, de inwendige gehoorgang, naar de hersenen (zie tekening). Ook de aangezichtszenuw loopt door de inwendige gehoorgang.

Gehoororgaan 

Door de inwendige gehoorgang lopen de zenuwen richting de hersenstam. Op deze plaats begint de tumor geleidelijk uit te groeien. De tumor ontstaat meestal in de inwendige gehoorgang en groeit langzaam verder door de inwendige gehoorgang richting de hersenstam en kleine hersenen. De hoek tussen hersenstam en kleine hersenen wordt wel de 'brughoek' genoemd. De oorzaak van deze tumorgroei is niet bekend. Brughoektumoren groeien meestal heel langzaam en soms zelfs nauwelijks. Naar schatting wordt in Nederland per jaar bij ongeveer 160 patiënten (tien per miljoen inwoners) voor het eerst de diagnose brughoektumor gesteld.

De klachten van een brughoektumor

De meeste mensen met een brughoektumor klagen over éénzijdig gehoorverlies en evenwichtsstoornissen (meestal een gevoel van onzekerheid). Vaak zijn er klachten van oorsuizen. Door groei van de tumor ontstaat druk op de omliggende zenuwen en eventueel hersenweefsels. Dit geeft uitval van de gehoor- en evenwichtszenuw; ook kan een doof gevoel in het gelaat ontstaan.

Er is geen verband tussen de ernst van de klachten en de grootte en/of groeisnelheid van de brughoektumor. Zo is het mogelijk dat een kleine brughoektumor veel klachten geeft en een grote brughoektumor niet of nauwelijks. Verergering van klachten betekent lang niet altijd dat de brughoektumor (veel) groter wordt. Vermindering van klachten wil niet zeggen dat de groei is gestopt of gestabiliseerd. In sommige gevallen wordt de brughoektumor bij toeval ontdekt zonder dat er klachten bestaan.

Een brughoektumor wordt meestal vastgesteld door een KNO-arts. Een gehoortest en een 'elektrische gehoortest' (BERA) kunnen wijzen in de richting van een brughoektumor. Het aangewezen onderzoek om de diagnose te bevestigen is een MRI-scan. Soms wordt door een neuroloog een brughoektumor vastgesteld. Er vindt dan verwijzing plaats naar een KNO-arts of een brughoektumor-behandelteam.

Bron: www.kno.nl

informatiefolder