UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
Alvleesklierkanker

Alvleesklierkanker is een ernstige ziekte. De klachten bij kanker van de alvleesklier ontstaan vaak pas als de tumor al is doorgegroeid in andere organen. U kunt last krijgen van een zeurende pijn boven of midden in de buik, een gevoel van zwakte, verminderde eetlust, diarree en gewichtsverlies. Een tumor in of rond de kop van de alvleesklier sluit soms de galwegen af. Dan ontstaat bijvoorbeeld geelzucht, een dunne, licht gekleurde ontlasting, donkere urine en vermagering. Ook jeuk over het hele lichaam komt voor.

Hoe alvleesklierkanker ontstaat is niet duidelijk. Roken verhoogt het risico op alvleesklierkanker. Ook een chronische alvleesklierontsteking verhoogt het risico om alvleesklierkanker te krijgen. Bij 5% van de patiënten speelt erfelijkheid een rol.

Soms is alvleesklierkanker nog te opereren. De chirurg haalt dan de alvleesklier en de aangetaste andere organen weg.

Helaas is het bij alvleesklierkanker vaak zo dat genezen niet meer kan. Patiënten krijgen dan een behandeling om de ziekte te remmen en pijn te bestrijden. De helft van de patiënten is een half jaar na de diagnose helaas al overleden.
In Nederland krijgen ongeveer 1500 mensen per jaar alvleesklierkanker.

 

  • Operatie om alvleesklierkanker te genezen

    Bij sommige mensen met alvleesklierkanker is een operatie mogelijk om te genezen. De tumor zit dan meestal in (of rondom) de kop van de alvleesklier. Deze operatie heet Whipple-operatie. De chirurg verwijdert het deel van de alvleesklier waarin de tumor zit, de twaalfvingerige darm, de galblaas en een groot deel van de galweg. De chirurg haalt ook de lymfeklieren rond de alvleesklier weg en soms een gedeelte van de maag. Daarna verbindt ze de alvleesklier, de galweg en eventueel het resterende deel van de maag weer met de dunne darm. De patholoog onderzoekt de weggehaalde organen. De uitslag krijgt u na een tot twee weken. Dan weet u of u kankervrij bent.

    Na de operatie ontstaat wel eens wondvocht in de buikholte. Drains (buigzame slangetjes) voeren dit vocht af. Misschien krijgt u na de operatie tijdelijk sondevoeding. De kans is groot dat u last krijgt van uw spijsvertering. Een diëtist geeft u dan voedingsadviezen.

    Behandeling om alvleesklierkanker te remmen en pijn te bestrijden

    Bij de meeste mensen met alvleesklierkanker is genezing niet meer mogelijk. De ziekte is al te vergevorderd. U krijgt dan een behandeling om de kanker te remmen en de pijn te bestrijden (palliatieve behandeling). Welke palliatieve behandeling u krijgt, hangt af van uw klachten.

    • Bij geelzucht kan de chirurg u opereren. Zij plaatst een buisje (endoprothese) in uw galgang. Dit buisje voert de gal af.
    • Het gebeurt weleens, dat een gezwel de twaalfvingerige darm heeft beschadigd. Het voedsel in de maag kan dan niet verder. Er ontstaat een verstopping. Ook hier helpt een operatie. De chirurg maakt een verbinding tussen de maag en het gezonde deel van de dunne darm.

    Doet de tumor pijn, dan is bestraling mogelijk om de pijn te bestrijden.