UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
Verwijderen van de schildklier

Soms is het nodig om uw schildklier (gedeeltelijk) te verwijderen. Bijvoorbeeld als u een verdachte schildklierknobbel hebt, een hinderlijk struma (schildkliervergroting) of Graves hyperthyreoïdie (te snel werkende schildklier). Een chirurg of KNO-arts voert de schildklieroperatie uit. Vooraf bepalen we of we de schildklier helemaal of slechts gedeeltelijk verwijderen. Als we uw schildklier helemaal verwijderen, hebt u na de operatie levenslang schildklierhormoon in tabletvorm nodig.

Risico’s bij een schildklierverwijdering

Vóór de verwijdering van uw schildklier bespreekt de chirurg of KNO-arts de risico’s van de operatie met u. Zo kunnen uw stembandzenuwen beschadigd raken, doordat ze vlak naast de schildklier lopen. Soms hebt u dan (tijdelijk) last van heesheid. Ook liggen aan beide kanten van uw schildklier bijschildkliertjes. Die regelen de balans van calcium en fosfaat in uw lichaam. Als de bijschildkliertjes beschadigd raken, hebt u soms een laag calciumgehalte in uw bloed. Dit merkt u door tintelingen en kramp in uw handen. Meestal zijn deze klachten voorbijgaand en behandelbaar met medicijnen.