Als u hyperthyreoïdie (te snel werkende schildklier) hebt, schrijven we vaak een schildklierremmer voor. De meest gebruikte schildklierremmers zijn thiamazol (Strumazol) en propylthiouracil (PTU). Deze medicijnen remmen de aanmaak van schildklierhormoon en werken na enkele dagen tot enkele weken.
De juiste dosis schildklierremmer hangt af van de onderliggende ziekte die u hebt en of u zwanger bent of wilt worden. Als u een aantal weken schildklierremmers gebruikt, voegen we vaak levothyroxine toe aan de behandeling. Soms is dit niet nodig en krijgt u alleen een lage dosis schildklierremmers.
Bespreekt u met uw behandelend arts als u ook andere medicijnen gebruikt. Schildklierremmers kunnen de werking van sommige medicijnen (bijvoorbeeld bloedverdunners) versterken of verzwakken.
Bij het gebruik van thiamazol en propylthiouracil kunt u te maken krijgen met bijwerkingen. De meest voorkomende zijn koorts, huiduitslag, gewrichtsklachten, jeuk en maag- of darmklachten. Ook loopt u het risico op een leverafwijking. Daarom doet uw behandeled arts regelmatig bloedonderzoek.
Ook kan er een effect op uw beenmerg optreden. Deze bijwerking is uiterst zeldzaam, maar wel ernstig. Hierbij raakt de aanmaak van witte bloedcellen verstoord, waardoor u vatbaarder bent voor ernstige infecties. Daarom krijgt u bij dit recept ook meteen de folder Koorts en keelpijn bij Strumazol, Basolest of PTU mee. Hierin staat dat u bij koorts (vanaf 38oC) én keelpijn direct moet stoppen met de schildklierremmer en dezelfde dag contact moet opnemen met uw behandeld arts. We onderzoeken dan het aantal witte bloedcellen in uw bloed. Is het aantal verlaagd? Dan mag u het middel niet meer gebruiken.