Micrografische chirurgie is een behandeling waarbij we huidkanker volledig kunnen verwijderen, zonder dat we onnodig weefsel weg hoeven nemen. Tijdens de operatie controleren we direct of alle huidkanker is verwijderd. Begin jaren veertig van de vorige eeuw ontwikkelde Frederick Mohs (professor aan de universiteit van Wisconsin, Verenigde Staten) deze manier om huidkanker te behandelen. De door Mohs ontwikkelde techniek is in de loop der jaren verder verfijnd. De officiële naam is nu Mohs micrografische chirurgie.
Uw operatie vindt plaats op de dagverpleging. Hiervoor meldt u zich op de afgesproken datum ’s ochtends bij de polikliniek Dermatologie. U hoeft niet nuchter te zijn voor deze operatie. Vóór de behandeling vragen wij of u een pacemaker hebt. De arts gebruikt tijdens de operatie namelijk elektriciteit voor het dichtbranden van bloedvaatjes. Dit kan de functie van een pacemaker verstoren. U mag tien dagen vóór de operatie geen aspirine of bloedverdunnende middelen gebruiken. Overleg bij twijfel of u mag stoppen met de medicatie met uw voorschrijvend arts en informeer ons uiterlijk twee weken voor de operatie als het niet verantwoord is tijdelijk te stoppen met uw bloedverdunners.
De operatie bestaat uit meerdere onderdelen en gebeurt onder plaatselijke verdoving. Voor de operatie desinfecteert de assistent het operatiegebied en dekt het af met steriele doeken. De arts tekent de plek van de huidkanker (met een kleine veiligheidsmarge) af. Daarna krijgt u een verdoving. U voelt een prik en het inspuiten van de verdovingsvloeistof geeft een brandend gevoel. Omdat de operatie lang kan duren, krijgt u een lang werkende verdoving. Daarbij voelt u wel dat de arts bezig is, maar het doet geen pijn. Als de arts de huidkanker heeft weggesneden, brandt hij kleine bloedvaatjes dicht en krijgt u een verband. Dit gedeelte van de operatie duurt 30 tot 45 minuten.
Het weggenomen weefsel gaat naar het laboratorium voor onderzoek. Een laborant vriest het weefselstukje in en snijdt het in kleine plakjes. Onder de microscoop bekijkt de laborant of er nog huidkankercellen in de randen van het weefselstukje zitten. Door alle snijranden te merken met een kleur en een tekening te maken van de plakjes, kan hij precies zien waar eventueel nog huidkankercellen zijn achtergebleven. Dit onderzoek duurt meestal 90 minuten, maar kan soms langer duren. U verblijft ondertussen op de verpleegafdeling Dermatologie. Hier mag iemand u gezelschap houden en als het nodig is, kunt u de arts of verpleegkundige raadplegen.
U hoort de uitslag van het microscopisch onderzoek zodra die bekend is. Als er nog huidkankercellen te zien zijn, snijdt de arts nog een stukje huid weg. Dit gaat weer naar het laboratorium voor onderzoek. Deze procedure herhalen we totdat alle huidkanker weg is.
De arts sluit de wond als het mogelijk is dezelfde dag. Als hij de wondranden niet goed tegen elkaar kan zetten, gebruikt hij huid uit de omgeving van de wond of een huidtransplantaat. U krijgt een extra verdoving als dat nodig is. Na het sluiten van de wond krijgt u een drukverband. Het sluiten van de wond duurt gemiddeld 60 tot 90 minuten.
De hele operatie duurt vaak de hele dag. Omdat u meerdere keren op de operatiekamer behandeld wordt, zult u het als een vermoeiende dag ervaren. Op de dagbehandeling krijgt u een broodmaaltijd. Als de wond erg groot is, kan het zijn dat de arts de wond pas later sluit. U kunt dan naar huis met een verbonden wond in afwachting van de operatie.
Na de operatie kunt u naar huis. Meestal valt de pijn mee, maar als het nodig is kunt u paracetamol nemen. Gebruik geen andere pijnstillers. Vaak hebben die een bloedverdunnende werking en dat vergroot de kans op een nabloeding.
Houd de wond de eerste drie dagen na de operatie droog tot de hechtingen verwijderd zijn, tenzij de arts u een ander advies geeft. Ook adviseren wij u de eerste dagen na de operatie rustig aan te doen.
Zoals bij elke operatie, loopt u de kans op een aantal risico’s.
Nabloeding
Bij elke operatie bestaat de kans op een bloeding na de operatie. Daarom krijgt u na de operatie een drukverband ter voorkoming van een bloeding. Wilt u aan uw behandelend arts doorgeven als u bloedverdunners of aspirine gebruikt? De arts spreekt met u af of u de inname van deze medicijnen tijdelijk moet stoppen. Als u een nabloeding hebt, moet u met een theedoek ongeveer vijf minuten stevig tegen de wond drukken. Stopt de bloeding niet, dan kunt u overdag contact opnemen met de behandelend arts via de polikliniek. ’s Avonds en in het weekend kunt u terecht bij de dienstdoende arts via de verpleegafdeling Dermatologie.
Infectie
U loopt het risico op een infectie. Dit merkt u aan extra veel pijn en een kloppend gevoel rond de wond. Waarschuw uw behandelend arts als dit gebeurt.
Bloeduitstorting
De eerste dagen verschijnt er een rode of blauwe zwelling rond het operatiegebied. Dit is een soort blauwe plek, maar u hoeft zich er niet ongerust over te maken.
Controle
De week na de operatie controleren we één of twee keer uw wond op de polikliniek Dermatologie en verwijderen we de hechtingen. De eerste jaren zullen we u regelmatig controleren, omdat de kans dat huidkanker terugkomt steeds groter wordt.