UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
Wondbehandeling

UMC St Radboud onderzocht  in opdracht van het College voor Zorgverzekeringen (CVZ) de complexe wondzorg in Nederland. In het rapport ‘Verkenning Wondbehandeling in Nederland’ staan onderzoeksresultaten en aanbevelingen over dit onderwerp. Onderzoeksvragen waren onder andere: 

Hoe is de complexe wondzorg in Nederland georganiseerd?


Welke richtlijnen zijn er voor behandeling van complexe wonden, welke materialen worden gebruikt bij welk type wonden,en welke wetenschappelijke onderbouwing is hiervoor? 

Zijn er aanbevelingen voor verbetering van de complexe wondzorg?
     

Andere vragen die beantwoord zijn en aanbevelingen:

Hoe geneest een wond?

Wondgenezing is doorgaans vanzelfsprekend en vindt plaats volgens een vast patroon van opeenvolgende en deels overlappende fasen: hemostase, inflammatie, proliferatie en remodellering met ieder een bepaalde duur. Uit de literatuur blijkt dat er geen duidelijke termijn is voor een wond bij ongecompliceerde genezing gesloten hoort te zijn. Deze periode mag volgens de expertgroep twee tot vier weken duren. Als een wond niet in die periode geneest, spreken we van een verstoorde wondgenezing.

Wat is een complexe wond?

Een complexe wond is een wond met een verstoorde genezingstendens als gevolg van pathofysiologische factoren (verstoringen in de fysiologie). Ook van invloed kunnen zijn:

  • psychosociale verstoringen;
  • onvoldoende kennis en/of vaardigheden van adequate wondzorg bij professionals;
  • onvoldoende inbedding van adequate wondzorg in een zorginstelling.

Voorbeelden van veel voorkomende complexe wonden zijn:

  • arteriële en/of veneuze beenulcera;
  • decubituswonden;
  • diabetische voetulcera.

Minder frequent voorkomende wonden zijn de oncologische ulcera, diepe brandwonden en bestralingswonden.

Hoe is de zorg van complexe wonden georganiseerd?

Een complexe wond is vaak het gevolg van ‘onderliggend lijden’ of een complicatie van een behandeling, maar kan ook een primaire klacht zijn. Voor de behandeling en verzorging van een complexe wond krijgt de patiënt met diverse professionals te maken. De oorzaak en de ernst van de wond bepalen wie dit zijn. Bijvoorbeeld de huisarts, medisch specialist, verpleegkundig specialist, wondconsulent, paramedicus (zoals huidtherapeut, podotherapeut, diëtist), of apotheker. De algemene consensus is dat één medicus de hoofdbehandelaar is en daarmee eindverantwoordelijk voor de behandeling. Wondzorg vindt gedeeltelijk  plaats via de reguliere verwijzingslijnen en gedeeltelijk via een informeel behandel- en verwijzingscircuit. Hierin hebben met name wondconsulenten of wondverpleegkundigen een prominente rol: zij initiëren behandelingen en verwijzen patiënten.

De behandeling van een complexe wond

Medisch specialisten (dermatologie, plastische-, vaat-, en algemeen chirurgie) zijn van oudsher de hoofdbehandelaar van bepaalde patiëntengroepen. Het gaat hierbij meestal om diagnostiek en behandeling van het onderliggende lijden. Voor de lokale behandeling van de complexe wond verwijzen de medisch specialisten de patiënt vaak door naar een (gespecialiseerd) verpleegkundige.

Voor de verbetering van de wondzorg in Nederland is het aan te bevelen de complexe wond als een aparte aandoening te beschouwen. Daar is een opzichzelfstaand behandeltraject voor nodig met een duidelijke structuur en centrale regie. De behandeling van een patiënt met een complexe wond bestaat namelijk niet alleen uit  het bestrijden van een complicatie van behandeling of ziekte. Het vereist een opzichzelfstaand primair proces waarvan anamnese, lichamelijk onderzoek en aanvullend onderzoek onmisbare onderdelen zijn. Deze onderdelen zijn noodzakelijk voor het stellen van een juiste diagnose en het opstellen van een adequaat behandelplan.

De uitvoering, coördinatie en overdracht van wondzorg wordt nu veelal gekenmerkt door diversiteit en onduidelijkheid. Om dit te verbeteren, dient de patiënt met een complexe wond een patiëntgebonden wonddossier te krijgen. Hierin worden alle aspecten van de behandeling, het hoofdbehandelaarschap en ook de betrokken (geconsulteerde) disciplines vastgelegd. In dit dossier is ook ruimte voor de patiënt zelf om de voortgang te evalueren en vragen op te schrijven.

Gespecialiseerde wondklinieken nodig

Patiënten met complexe wonden moeten hun behandeling krijgen  in gespecialiseerde wondklinieken (wondexpertisecentra) door een multidisciplinair wondteam. Zowel  voor de verwijzer als de patiënt moet duidelijk zijn wat een wondexpertisecentrum doet en hoe de verwijzing moet verlopen.

Tijdig doorverwijzen

Snelle doorverwijzing en terugverwijzing van een patiënt met een complexe wond wordt beschouwd als een voorspeller voor de behandeling met de beste uitkomst voor een patiënt. Als een wond gedurende een bepaalde tijd en bij ingezette behandeling niet of te weinig geneest, moet de patiënt doorverwezen worden naar een wonddeskundige. De termijn voor die doorverwijzing ligt tussen de twee en drie weken.

direct naar

                  This page in English

Goede opleiding wondzorg

Voor goede behandeling en zorg van een complexe wond zijn specialistische kennis en vaardigheden nodig. Zorgprofessionals kunnen zich specialiseren op het gebied van de behandeling van complexe wonden. Verpleegkundigen kunnen zich specialiseren tot wondconsulent of wondverpleegkundige. Podo-therapeuten kunnen zich specialiseren op het gebied van zorg voor patiënten met diabetische voetwonden. Ook is er een initiële hbo-opleiding tot huidtherapeut. Verder studeren er steeds meer verpleegkundig specialisten met de specialisatie complexe wonden op masterniveau af.
Deel deze pagina