UMC St Radboud

Laat deze pagina voorlezen
print
De procedure

Aanmelding

Als een nierdonor nadenkt over het afstaan van een nier aan een familielid, partner, bekende, of onbekende, dan kan er contact opgenomen worden met de coördinator van het UMC St Radboud. De coördinator kan telefonisch de nodige informatie geven en maakt met de nierdonor een afspraak voor het voorlichtingsgesprek. Het gaat hierbij om een gescheiden traject voor nierdonor en ontvanger. Dit houdt in dat de begeleiding en beoordeling van de nierdonor gescheiden is van de begeleiding en beoordeling van de ontvanger. De coördinator vraagt ook naar de bloedgroep van de betreffende nierdonor en ontvanger. Deze vraag wordt gesteld omdat de bloedgroep van nierdonor en ontvanger bij elkaar moeten passen:

  • Een nierdonor met bloedgroep O kan iedereen een nier geven
  • Een nierdonor met bloedgroep A kan een nier geven aan een ontvanger met bloedgroep A of AB
  • Een nierdonor met bloedgroep B kan een nier geven aan een ontvanger met bloedgroep B of AB
  • Een nierdonor met bloedgroep AB kan alleen een nier geven aan een ontvanger met bloedgroep AB

De rhesusfactor (positief of negatief) is niet van belang bij een nierdonatie. Als de bloedgroep van nierdonor en ontvanger niet past, is er geen directe nierdonatie en transplantatie mogelijk. Wel bestaat de mogelijkheid van een indirecte of ‘cross-over nierdonatie’ of niertransplantatie door de bloedgroep heen.

Voorlichtingsgesprek

De volgende stap is een afspraak op de polikliniek Nierziekten, waarbij de coördinator uitgebreid informatie geeft over een levende nierdonatie. Na afloop van dit gesprek kan er bij de nierdonor eventueel bloed afgenomen worden voor de zogenaamde weefseltypering. Deze wordt dan vergeleken met de weefseltypering van de ontvanger. Tevens wordt er een kruisproef gedaan. Met deze kruisproef kan worden vastgesteld of de ontvanger antistoffen bezit tegen de cellen van de nierdonor. Als de kruisproef ‘positief’ is, zijn er antistoffen aanwezig en kan er geen niertransplantatie plaatsvinden, de nier zou dan direct worden afgestoten. In deze situatie zou door middel van cross-over nierdonatie toch een niertransplantatie kunnen plaatsvinden. Bij een negatieve kruisproef worden geen antistoffen aangetroffen en is nierdonatie wel mogelijk.

Het duurt drie à vier weken voordat de uitslagen van de weefseltypering en kruisproef bekend zijn. Afhankelijk van de uitslag van de weefseltypering en de kruisproef kijken we of directe nierdonatie mogelijk is.

Als er zich meer dan één nierdonor aanmeldt voor dezelfde ontvanger kunnen we een gezamenlijk voorlichtingsgesprek plannen. In overleg met alle betrokkenen kijken we wie er verder gaat met de onderzoeken. Er gaat maar één persoon de donatieprocedure in.

De hele procedure duurt zo’n vier à vijf maanden als er geen extra onderzoeken nodig zijn. In totaal moet een nierdonor in deze periode vier à vijf keer het UMC St Radboud bezoeken.

Medisch onderzoek

Als de kruisproef negatief is zal de arts een uitgebreid medisch onderzoek bij de nierdonor verrichten. Er worden allerlei vragen gesteld over diens gezondheid en voorgeschiedenis, gevolgd door een lichamelijk onderzoek.

Het gewicht van de nierdonor is ook van belang, overgewicht kan namelijk risico’s met zich meebrengen. Er zal uitgebreid urine- en bloedonderzoek plaatsvinden. Het bloed wordt onder andere onderzocht op nierfunctie, leverfunctie, bloedsuiker, cholesterol, hemoglobinegehalte en op doorgemaakte infecties (onder andere hepatitis en aidstest). De weefseltypering zal ook herhaald worden.
Er wordt een hartfilmpje (ECG) en een röntgenfoto van hart en longen gemaakt. Tevens wordt de nierdonor gevraagd thuis twee etmalen urine te sparen, om na te gaan of de nieren van de nierdonor optimaal functioneren.

Bij twijfel dan wel afwijkende resultaten wordt eventueel een vervolgonderzoek gedaan. Hierbij is het altijd mogelijk dat er onverwacht afwijkingen aan het licht komen die soms zelfs nierdonatie onmogelijk maken (zie Wanneer kan er geen nier gedoneerd worden). De gezondheid van de nierdonor staat hierbij voorop!

Gesprek medisch maatschappelijk werk

In een gesprek met het medisch maatschappelijk werk wordt uitgebreid stilgestaan bij de motivatie, verwachtingen en zorgen die een donor heeft. Ook wordt er gesproken over de mogelijke vergoedingen en het regelen van zorg rondom de donatie.

Röntgenonderzoek

Als de resultaten van de voorgaande onderzoeken goed zijn wordt er een computertomografiescan (CT-scan) van de nieren gepland. Tijdens dit onderzoek worden met röntgenstralen en een computer digitale foto’s gemaakt van de nieren, de aan- en afvoerende bloedvaten, de urineleiders en de blaas. Hierbij wordt contrastvloeistof gebruikt om de bloedvaten zichtbaar te maken. U krijgt deze vloeistof via een infuus toegediend. De duur van het onderzoek is ongeveer 30 minuten. Aan de hand van dit onderzoek wordt besloten welke nier het meest geschikt is voor nierdonatie. De uitslag van de CT-scan wordt (binnen twee weken) telefonisch besproken met de nierdonor.
CT-scan
Bekijk de patiëntenfolder CT-scan

Bezoek Polikliniek Urologie en Anesthesie

Als de operatiedatum in zicht komt, bezoekt de nierdonor de uroloog en de anesthesist. De uroloog is de chirurg die de nier verwijdert en zal met de nierdonor de operatie bespreken. Tevens beoordeelt de uroloog voor de operatie de CT-scan van de nieren. Ook hij moet uiteraard zijn goedkeuring geven voor de operatie.

De anesthesist is de arts die de nierdonor in slaap brengt, oftewel de narcose verzorgt. Hij bespreekt met de nierdonor de zaken rondom de narcose. Tevens bespreekt de anesthesist het gebruik van pijnmedicatie na de operatie.

Plannen van de operatie

Het plannen van de operatiedatum is mede afhankelijk van de conditie/nierfunctie van de ontvanger. Uiteraard probeert de coördinator zoveel mogelijk rekening te houden met de wensen van de nierdonor. Hierbij dient rekening gehouden te worden met een sterk variërende wachtlijst voor levende nierdonaties.

terug naar het overzicht Nierdonatie

Deel deze pagina