Bij chronische lymfatische leukemie (CLL) / klein lymfocytair lymfoom (SLL) worden zowel cytogenetisch onderzoek als IGH mutatie-analyse aangeboden.
Methode: Genoomwijde SNP array analyse wordt verricht met behulp van de Cytoscan HD SNP array van Affymetrix om copy nummer afwijkingen (inclusief 11q-, 13q-, +12, 17p-) en gebieden met copy-neutrale verlies van heterozygotie op te sporen.
Uitslagtermijn: 4 weken
Materiaal: perifeer bloed in EDTA aanvraagformulier bloed (PDF)
Achtergrond: Frequent voorkomende (cyto)genetische afwijkingen bij chronische lymfatische leukemie (CLL) zijn verlies van 11q22/ATM, verlies van 13q14, trisomie van chromosoom 12 en verlies van 17p13/TP53. Deze afwijkingen zijn mede bepalend voor de prognose van patiënten met CLL.
Methode: De bepaling van de IGH-mutatie status wordt gestart met IGH-clonaliteitsanalyse, waarbij de EuroClonality/BIOMED-2 IGH multiplex PCR’s als ook de IGH leader primers worden gebruikt. Analyse van de clonale genherschikking (of in geval van bi-allelische genherschikkingen beide clonale genherschikkingen) wordt uitgevoerd middels sequentie analyse. Daarna wordt de verkregen sequentie van de clonale genherschikking vergeleken met die van de kiembaan IGH genherschikkingen (middels de ImmunoGenetics database) om de somatische mutaties in kaart te brengen.
Uitslagtermijn: 4 weken
Materiaal: • EDTA bloed aanvraagformulier bloed (PDF)
• direct ingevroren weefsel (lymfeklieren)
aanvraagformulier biopt/weefsel (PDF)
Achtergrond: CLL/SLL bestaat feitelijk uit twee prognostisch verschillende ziekte-entiteiten, die op basis van het al dan niet hebben van somatische hypermutaties in de variabele regio van het immunoglobuline zware keten (IGH) gen te onderscheiden zijn. Patiënten met CLL/SLL met een clonale IGH genherschikking waarvan de variabele regio ongemuteerd is (dwz: > 98% homoloog aan de meest verwante kiembaan-genherschikking) hebben een ongunstiger prognose vergeleken met patiënten met somatische hypermutatie (<98% homoloog aan de meest verwante kiembaan genherschikking) van het IGH gen. Uit meerdere onafhankelijke studies blijkt daarnaast dat patiënten met gebruik van het VH3-21 variabele regio gensegment eveneens een ongunstiger prognose hebben. De IGH-(mutatie) status is een belangrijke prognostische parameter en heeft therapeutische consequenties.